In 2024 had slechts 31% van alle stikstofgevoelige natuur in Nederlandse Natura 2000-gebieden een stikstofneerslag onder de kritische depositiewaarde (KDW).1 Deze drempel geeft aan vanaf welke hoeveelheid stikstof de natuur schade kan ondervinden en zeldzame plantensoorten kunnen verdwijnen. In 2023 lag dit percentage nog op 30%.

De Omgevingswet stelt ambitieuze doelen: 40 procent in 2025, 50 procent in 2030 en zelfs 74 procent in 2035. Het afgelopen jaar is er echter slechts een bescheiden vooruitgang geboekt van één procentpunt — een aanzienlijke uitdaging blijft dus bestaan.

Er is wel sprake van een duidelijke verbetering. Tussen 2005 en 2024 daalde de totale stikstofneerslag op deze gebieden met ongeveer 29 procent. De hoeveelheid stikstof die boven de kritische depositiewaarde (KDW) uitsteekt, is in die periode zelfs met 53 procent afgenomen — wat neerkomt op een ruime halvering. De afname verschilt per bron: de bijdrage van de Nederlandse industrie en het verkeer daalde met 37 procent, die van de Nederlandse landbouw met 15 procent en de neerslag afkomstig uit buitenlandse bronnen met 29 procent.1

Toch blijft nog altijd ruim twee derde van het stikstofgevoelige oppervlak overbelast. Daarenboven dient een belangrijke kanttekening te worden geplaatst bij de cijfers: het RIVM heeft de hele reeks vanaf 2005 opnieuw doorgerekend met de meest recente gegevens en inzichten, waardoor oudere cijfers kunnen afwijken van eerdere publicaties.1